 Odour-around-the-brand

Laat ik beginnen mijn eigen vak onderuit te halen. Jaarlijks wordt 4% meer besteed aan marketingcommunicatie. Het effect ervan neemt jaarlijks met 4% af. Aldus sprak Martin Lindstrom recent in zijn boek Brandsense. Hij constateert dat 90% van de marketingcommunicatie is gericht op de ogen, voor de oren is 9,9% bestemd en maar een heel klein deel dus voor de overige zintuigen: neus, tast- en smaakzin! Slechts een beperkt deel van de zintuigen wordt aldus geraakt door traditionele marketinginspanningen. Dat is vreemd, want volgens Lindstrom zijn 75% van onze emoties gebaseerd op wat we ruiken en niet op wat we zien en horen. Maar er is hoop: als we ons meer gelegen laten liggen aan de andere zintuigen is er nog een wereld te winnen. Helemaal nieuw? Dat nou ook weer niet: natuurlijk wisten we allang dat non-verbale communicatie veel belangrijker is dan verbale. Lindstrom maakt het echter heel concreet door in te zoomen op de verschillende zintuigen. En zo passen we ook weer naadloos bij de trend naar beleving: ruiken, proeven en pakken. Laten we zelf eens nagaan, zo stelt Lindstrom, of er voorbeelden zijn. Singapore Airlines heeft het begrepen door onder meer muziek en geur actief te beïnvloeden, gekoppeld aan onberispelijk gedrag van het cabinepersoneel, om een zo prettig mogelijke ambiance te scheppen die tot een merk is geworden. De Britse Barclay’s Bank introduceerde versgemalen koffie in zijn vestigingen, om zo de klanten zich thuis te laten voelen. Kellog’s heeft geïnvesteerd in de kraakkwaliteit van zijn maïsvlokken in een Deens geluidslab. Wat dacht u van een prikkelend en sissend glaasje cola als je de site van Coca-Cola bezoekt? Of het uitnodigende geluid van malende koffie als je je op de Starbuckssite meldt? Betekenisvol geluid is een goedkope, maar zeer effectieve manier om de zintuigen van je klant of andere relatie te prikkelen en je merk krachtig over te brengen. Retorisch vraagt Linstrom zich dan ook af waarom bijna alle marketing en merkenbouw zich beperkt tot twee zintuigen, terwijl we weten dat appelleren aan alle zintuigen leidt tot een sterker merkbewustzijn en de indruk versterkt die een merk op zijn publiek maakt. De redenen hiervoor ziet Lindstrom ook wel: niet alle mediakanalen lenen zich voor een link met alle zintuigen en we weten domweg nog niet hoe we het fenomeen van totale zintuigprikkeling moeten hanteren. Hij vraagt zich alleen af: hoe lang kunt u het zich permitteren te wachten? Om u niet wanhopig te maken heb ik alvast wat tips op een wat basaler niveau: zorg dat u uw uithangbord op internet altijd actueel houdt, zodat alle basisinformatie over uw merk altijd te raadplegen is. Biedt uw klanten de gelegenheid uw product te voelen, te horen, te pakken of te ruiken. Met de huidige stand van de techniek is daar heel veel mee te doen en kan een investering in mijn vak ook weer leiden tot een vergroting van het effect. Kortom: rumour-around-the-brand kan maar beter rieken! Ward de Moor Senior communicatieadviseur Communicatiebureau Synergie, Utrecht ward@communicatiebureau.nl www.franchisecommunicatie.nl
Maandag, 3 Mei 2004
|