 Belangenbehartiging in oorlogstijd

Ik ben in een euforische staat. Kwaliteitskrant NRC Handelsblad meldde in augustus dat de Nederlandse supermarkten nu de goedkoopste zijn van Noordwest-Europa. Net als in de Groote Oorlog van ’14-’18 komen in Zeeuws-Vlaanderen berooide economische vluchtelingen hun slagje slaan op Nederlandse bodem. Naar verluidt zelfs 200.000 in de eerste zes maanden van 2004! De kruitdampen van de prijzenoorlog zijn nog niet opgetrokken, of nieuwe schermutselingen zijn voor dit najaar al weer aangekondigd. Het blijkt dus tóch mogelijk te zijn een oorlog te voeren die de burgers spaart. Overal is mijn gulden weer een daalder waard.Toch hoor ik allerlei brancheorganisaties van retailers steeds maar waarschuwen dat de prijzenoorlog uiteindelijk toch ook voor rekening van de consument komt. Op een of andere manier slagen ze er echter niet in me te overtuigen van deze vermeende uitgestelde apocalyps en hoe ik dat zou moeten ervaren. Ik betaal nu gewoon minder voor de dezelfde boodschappen en mijn Albert-Heijnboycot heb ik weer verruild voor het gemak van de AH dichtbij. Een vergelijkbare makke geldt voor de horeca, die bij hoog en laag bleef beweren dat de ervaren obsceniteiten in prijsstijgingen na de invoering van de euro slechts ‘gevoelsstijgingen’ waren. Ja, dank je de koekkoek! Óf ze jokken, óf ze weten domweg hun boodschap niet goed over het voetlicht te krijgen. Het bewijst wat mij betreft het eminente belang van een consistente vertrouwenwekkende belangenbehartiging door brancheorganisaties. Want laten we wel wezen: de individuele ondernemers zitten met de gebakken peren. Veel ondernemers hechten niet zo aan een brancheorganisatie en daar kan ik me wel iets bij voorstellen. Vaak wordt het vertrouwen van de leden inderdaad geschaad, of weet zo’n organisatie onvoldoende toegevoegde waarde te bieden. Toch kan een goede brancheorganisatie heel veel doen voor de opinie van consumenten, zeker op onderwerpen waar welbevinden en gezondheid in het geding zijn, denk aan de foodsector. Begrip – en dus sympathie - betaalt zich volgens mij ook uit in meer afname van je diensten. Daarbij ga ik er gemakshalve wel van uit dat het product in de basis deugt natuurlijk! Brancheorganisaties zouden idealiter hun leden eigenlijk op drie niveaus moeten bedienen. Op macroniveau moeten ze ervoor zorgen dat de belangen van de branche worden behartigd bij de relevante beleidsbeslissers en –beïnvloeders. Ook het sluiten van lucratieve inkoopvoordelen vanwege schaalgrootte vallen onder deze kernactiviteit. Minstens zo belangrijk is in dit kader een actief public-relationsbeleid om begrip op te bouwen of behouden bij die partijen (media) die een belangrijke invloed hebben op het imago van de organisatie en de branche die zij vertegenwoordigt. In het verlengde daarvan voeden ze hun leden met de laatste trends en ontwikkelingen in hun sector of branche. Tot slot moet de ondernemer op microniveau handvatten en checklists kunnen vinden die de dagelijkse bedrijfsvoering vergemakkelijken. Via internet kun je met korte online vragenlijsten snel een bijdrage leveren waar een lid-ondernemer direct profijt van kan hebben. Een andere optie is om als brancheorganisaties op thema de handen ineen te slaan. Voorbeeld daarvan is het initiatief van MKB Nederland en Koninklijke Horeca Nederland om het Energiecentrum in het leven te roepen. Met als leidend principe dat elke ondernemer geld wil besparen, tracht het Energiecentrum ondernemers te helpen met praktische ondersteuning bij energiebesparing. Natuurlijk wil iedereen best aan het milieu denken, maar de portemonnee is nog net iets gevoeliger. Een initiatief op thema waar we er de komende jaren volgens mij meer van gaan zien. Ward de Moor Senior communicatieadviseur Communicatiebureau Synergie, Utrecht ward@communicatiebureau.nl www.franchisecommunicatie.nl
Zaterdag, 4 September 2004
|